Meer plezier met minder vuurwerk

Is het burgerinitiatief wel geldig?

In sommige media is het bericht verschenen dat het burgerinitiatief 'Meer plezier met minder vuurwerk' mogelijk niet zou kunnen worden ingediend, omdat het in strijd is met de regels van de Tweede Kamer. Volgens de initiatiefnemers is dat niet het geval.

Voor en na de jaarwisseling 2007/2008 pleitten Arno Bonte en David Rietveld in een opinieartikel in NRC Handelsblad voor een verbod op consumentenvuurwerk. Tot dan toe had niemand in Nederland zo'n voorstel gedaan. Uit een peiling die ze lieten uitvoeren door Peil.nl bleek ruime steun vor hun voorstel: 49% van de Nederlanders zei voor een verbod op consumentenvuurwerk te zijn, 45% er tegen.

Het opiniestuk en de peiling leidde tot flink wat discussie, ook in de Tweede Kamer. Tijdens een Algemeen Overleg op 13 maart 2008 werd over de onrustige jaarwisseling 2007/2008 gesproken. Daar kwam ook het thema vuurwerk aan de orde - zoals dat vrijwel elk jaar op een of andere manier onderwerp van gesprek is. Bijna alle fracties stelden in dat overleg dat een verbod op consumentenvuurwerk voor hen niet aan de orde hoefde te komen. De Minister beaamde die zienswijze.

Het Reglement van Orde van de Tweede Kamer stelt dat een burgerinitiatief niet ontvankelijk is als er de afgelopen 2 jaar over dat onderwerp een besluit is genomen. Volgens de initiatiefnemers van 'Meer plezier met minder vuurwerk' is dat nu niet het geval. Het burgerinitiatief is juist opgestart omdat de Tweede Kamer tot nu toe consequent weigert een open en volledig debat te voeren over een verbod op consumentenvuurwerk. Uit de overweldigende steun blijkt wat de initiatiefnemers betreft dat daartoe echter alle reden is.

Er is ook in formele zin geen besluit genomen: het vuurwerkbesluit is op de punten waar het burgerinitiatief zich op richt niet aangepast. De afsteektijden zijn niet aangepast, de verkoop is niet verminderd toegestaan en er is aan gemeenten geen mogelijkheid gegevan om over te gaan tot centrale afsteekplaatsen. Er is - kortom - helemaal niets veranderd ten opzichte van de vuurwerkpraktijk die al decennialang in Nederland een feit is. Het burgerinitiatief wil juist die pratijk veranderen.

De Handelingen van de Tweede Kamer bij de bespreking van het instellen van het burgerinitiatief ondersteunen deze zienswijze: uit de context valt op te maken dat een burgerinitiatief er niet op gericht mag zijn pas genomen besluiten terug te draaien. 'Meer plezier met minder vuurwerk' wil geen onlangs genomen besluiten terugdraaien, maar wil juist dat er eindelijk eens een besluit wordt genomen tot het drastisch verminderen van het afsteken van vuurwerk tijdens de jaarwisseling. Voorts blijkt uit de Handelingen dat het burgerinitiatief bij uitstek geschikt wordt geacht om burgers de kans te geven een vastgeroeste zienswijze van de Tweede Kamer te doorbreken. Ook dat is nu het geval: de Tweede Kamer wiegert vrijwel unaniem om over een verbod op consumentenvuurwerk te spreken, terwijl nu al meer dan 40.000 mensen willen dat dat wel gebeurt.

Tot slot nog een praktisch argument. Als een eenvoudige gedachtenwisseling over vuurwerk al voldoende is om een burgerinitiatief af te wijzen, dan zou op dit punt nooit een burgerinitiatief genomen kunnen worden. Mede door de Nederlandse vuurwerktraditie is het onderwerp jammer genoeg elk jaar reden voor discussie. Het wordt tijd dat een verbod op consumentenvuurwerk dus ook een wordt bediscussieerd.

Relevante stukken

Relement van Orde van de Tweede Kamer

Handelingen debat invoering burgerinitiatief:
Deel 1
Deel 2

Verslag Algemeen Overleg 13 maart 2008:
Verslag AO 130308